Camino my way
Een verhaal over pijn, doorzetten en je eigen weg durven kiezen

Boudewijn
Ik leerde Boudewijn kennen via mijn Instagram-kanaal WandelWijzer. Al snel merkte ik dat achter zijn liefde voor wandelen een bijzonder verhaal schuilgaat. Niet alleen omdat hij binnenkort voor de zesde keer aan een Camino begint, maar vooral omdat wandelen voor hem zoveel meer betekent dan kilometers maken.
Toen Boudewijn zijn verhaal met mij deelde, wist ik meteen: dit verdient een mooie plek. Ik vind het ontzettend gaaf dat ik het hier mag vertellen. En eerlijk? Daar ben ik ook best trots op.
In aanloop naar zijn zesde Camino doet Boudewijn mee aan de 5-Days Next Level Walk van Online Op Stap. Zo leer ik hem en zijn manier van wandelen nog beter kennen.
Maar eerst neem ik je mee in zijn verhaal.
Een verhaal over twijfel, doorzetten, pijn, genieten en vooral je eigen weg durven kiezen.
Want Boudewijn wandelt de Camino niet zoals het volgens anderen zou moeten.
Hij wandelt hem op zijn manier.
Waarom Boudewijn voor de zesde keer naar Santiago wandelt?
Op 26 oktober 2026 trekt Boudewijn opnieuw zijn wandelschoenen aan. Voor de zesde keer begint hij aan een Camino richting Santiago de Compostela. Ditmaal kiest hij voor de beroemdste route van allemaal: de Camino Francés. Na Santiago wil hij verder, naar Finisterre en Muxía. Naar het einde van de wereld.
Vijf Camino’s liggen inmiddels achter hem. Duizenden kilometers zitten in zijn benen. Je zou verwachten dat vertrekken daardoor bijna vanzelf gaat.
Maar zenuwen laten zich niet wegwandelen. “Vooraf ben ik altijd bloednerveus. Kan ik het nog wel? Heb ik genoeg gedaan? Wat staat me te wachten?”
Het zijn vragen die iedere keer opnieuw met hem meereizen. Totdat hij zijn rugzak pakt, de eerste stappen zet en de weg het langzaam van hem overneemt. “Zodra ik eenmaal ben begonnen, verandert alles. Dan ben ik een enthousiaste genieter.”
En genieten doet hij volop. Van het landschap en de cultuur. Van eten, drinken en onverwachte ontmoetingen. Van de grote vergezichten, maar minstens zo veel van de kleine dingen langs de route. Een gesprek aan een lange tafel. Een kop koffie na een zware klim. Een paar woorden Spaans die ineens een deur openen. Een moment waarop niemand iets zegt, maar iedereen begrijpt waarom hij daar loopt. Dat is voor Boudewijn de Camino.


Het begon met één grote vraag
In september 2020 wilde Boudewijn aan zijn eerste Camino beginnen. Hij was vijftig geworden en had zichzelf een flinke uitdaging gesteld:
ongeveer 550 kilometer wandelen. Niet om een sportieve prestatie neer te zetten, maar om antwoord te krijgen op één belangrijke vraag:
Kan mijn lichaam dit aan?
Boudewijn heeft zware nek- en rugartrose. Veel sporten zijn daardoor niet mogelijk. Wandelen kan wel. Sterker nog, zijn behandelend arts adviseerde hem juist om te gaan lopen. Toch wist hij niet wat er zou gebeuren wanneer hij dagenlang achter elkaar onderweg zou zijn. Hoe zou zijn lichaam reageren? Zou de pijn hem afremmen? En wat als hij halverwege moest stoppen?
Door corona werd zijn vertrek een jaar uitgesteld. In 2021 stond hij uiteindelijk in Santander aan het begin van de Camino del Norte. Voor hem lag de route naar Santiago. Achter hem bleef de zekerheid van thuis. Hij zette de eerste stap. En daarna nog één. Het werd niet zijn laatste Camino.
Vijf jaar vol gele pijlen.
Na die eerste tocht bleef de Camino trekken.
2021 van Santander naar Santiago via de Camino del Norte.
2022 vertrek vanuit Lissabon. Vanaf Porto volgde hij de Centrale Route en vanaf Tui liep zijn vrouw met hem mee naar Santiago.
2023 koos hij voor de ruigere Camino Primitivo, van Oviedo naar Santiago.
2024 begon hij samen met zijn vrouw in Sevilla aan de lange weg naar Santiago.
2025 liep hij van León naar Santiago. Vanaf Ponferrada koos hij voor de minder bekende Camino de Invierno.
En daar bleef het niet bij. Verschillende keren wandelde hij verder naar Finisterre en Muxía, of juist in omgekeerde richting.
Waarom steeds opnieuw? Omdat een Camino hem iets geeft wat thuis moeilijker te vinden is.
De pijn verdween niet. De aandacht verschoof
“Het lopen van een Camino geeft mij zoveel rust in mijn hoofd en lichaam. Tijdens het wandelen ervaar ik veel minder pijn door mijn artrose. Thuis zijn er altijd afleidingen en dingen die moeten. Onderweg is het leven heerlijk eenvoudig: lopen, eten, drinken, genieten en slapen. Iedere dag opnieuw.”
Helemaal pijnvrij is hij onderweg natuurlijk niet. Een lange tocht vraagt altijd iets van een lichaam. “Er komen gewoon andere pijntjes voor in de plaats,” zegt hij lachend. De pijn verdween niet. De aandacht verschoof. De belangrijkste lessen vond Boudewijn niet aan het einde van een etappe. Ze kwamen onderweg. Stap voor stap, vaak op momenten waarop hij er niet bewust naar zocht.
“Ik heb ontdekt dat ongeveer de helft van mijn pijn verdwijnt wanneer ik er niet voortdurend mee bezig ben.”
De artrose is er nog steeds. Maar tijdens het lopen vult de pijn niet langer de hele ruimte. Er is ook een landschap. Een gesprek. Een volgend dorp. Het ritme van zijn voeten op het pad. De Camino veranderde niet alleen zijn verhouding tot pijn. Hij leerde bewuster in het moment te leven. Stil te staan bij wat er wél is. Minder vanzelfsprekend te vinden dat zijn lichaam hem al die kilometers blijft dragen.
Zijn eerste Camino moest aanvankelijk een tocht worden waarop hij moeilijke ervaringen uit zijn leven zou verwerken. Hij verwachtte onderweg misschien oude pijn tegen te komen. Maar de weg liet hem iets anders zien. Veel van wat hij wilde verwerken, had al een plek gekregen. Hij hoefde het niet opnieuw open te breken. Wat overbleef, was geen verdriet, maar trots.
“Ik mag trots zijn op mezelf. Ik ben wel degelijk een doorzetter, ook al geldt dat misschien niet op ieder vlak van mijn leven.”
Misschien is dat wel wat een lange wandeling soms doet. Je vertrekt met een vraag en komt thuis met een ander antwoord.

Nu wacht de Camino Francés
Tijdens zijn eerdere tochten hoorde Boudewijn het steeds opnieuw: je moet ooit de Camino Francés lopen. Caminovrienden vertelden hem over de route, de landschappen en de bijzondere ontmoetingen onderweg.
Lange tijd koos hij bewust voor andere wegen. Hij verwachtte dat de Camino Francés te druk zou zijn. Maar dit najaar gaat het er toch van komen.
Op 26 oktober 2026 begint hij aan de route. Op 7 december vliegt hij terug. Na Santiago wandelt hij verder naar Finisterre en Muxía.
Die laatste kilometers zijn voor Boudewijn meer dan een verlenging van zijn Camino. Ze helpen hem om langzaam los te komen van de weg en zich voor te bereiden op het gewone dagelijks leven thuis.
Een Camino buiten het seizoen
Boudewijn kijkt uit naar de route, de landschappen en de gesprekken die onderweg vanzelf kunnen ontstaan. “Ontstaat er weer een Caminofamilie? Houd ik er opnieuw vrienden aan over? Na mijn vorige Camino’s zijn er al zoveel bijzondere mensen in mijn leven gebleven.”
Toch weet hij dat deze Camino anders kan worden. Eind oktober loopt hij ruim buiten het gebruikelijke pelgrimsseizoen. Het zal rustiger zijn op de route en mogelijk wordt het daardoor lastiger om mensen te ontmoeten met wie hij langere tijd samen optrekt.
Ook het weer maakt deze tocht spannend. Boudewijn hoopt stiekem op sneeuw, maar liever niet te veel. Kou en natte omstandigheden kunnen invloed hebben op zijn artrose. En dan wacht direct aan het begin de zware etappe richting Roncesvalles.
Wie hij thuis achterlaat
Wanneer Boudewijn onderweg is, stapt hij steeds verder zijn Caminobubbel in. Thuis gaat het gewone leven ondertussen door.
Zijn vrouw blijft achter met de hond en de kat. Dat Boudewijn deze reizen kan maken, is mede mogelijk omdat zij hem de ruimte geeft en het hem gunt. Iets wat hij bijzonder vindt en zeker niet vanzelfsprekend. “Mijn vrouw krijgt het thuis juist extra druk. Dat besef je onderweg niet altijd voldoende.”
Er is nog iemand van wie het afscheid dit keer extra beladen voelt. Boudewijn werkt als persoonlijk assistent en mantelzorger voor een 96-jarige cliënt.
Door haar leeftijd weet hij dat het niet vanzelfsprekend is dat hij haar na zijn reis weer zal zien. Daarom neemt hij voor zijn vertrek vanbinnen al een beetje afscheid. Zo draagt Boudewijn ook tijdens deze Camino de mensen van thuis met zich mee.
Camino my way
Boudewijn noemt zijn manier van pelgrimeren bewust Camino my way. Door zijn artrose heeft hij na een wandeldag echte rust nodig. Een slaapzaal is voor hem geen goede keuze. Hij slaapt onrustig en weet dat hij daarmee niet alleen zichzelf, maar ook andere pelgrims wakker zou houden.
Ook mag hij vanwege zijn nek en rug niet te veel gewicht dragen. Daarom maakt hij regelmatig gebruik van bagagevervoer. Soms laat hij zijn reis vooraf organiseren, zodat hij niet iedere dag de stress heeft of er nog een privékamer beschikbaar is. Niet iedere pelgrim begrijpt die keuzes.
Echte pelgrim of niet?
“Ik heb mensen ontmoet die mij daarom geen echte pelgrim vonden. Dat maakte me soms verdrietig. Zonder bagagevervoer en een eigen kamer zou ik helemaal geen Camino kunnen lopen.” Daar raakt Boudewijn aan iets belangrijks. Wie bepaalt wanneer iemand een echte pelgrim is?
Is dat de persoon die met een zware rugzak van slaapzaal naar slaapzaal trekt? Of ook degene die zijn grenzen kent, hulp organiseert en daardoor een weg kan afleggen die anders onbereikbaar zou blijven?
De waarde van een Camino wordt niet bepaald door het gewicht van je bagage. Ook niet door de kamer waarin je slaapt. Het gaat om de weg die je aflegt, de keuzes die je onderweg maakt en wat die weg met je doet. Boudewijn mist soms het gezamenlijke koken en eten in de herbergen. Toch ontstond er tijdens iedere tocht weer een Caminofamilie. Mensen die hem leerden kennen, zijn manier van reizen begrepen en hem precies zo accepteerden. Zijn Camino is niet minder echt. Het is zijn Camino.
Wat altijd met hem meereist
Sommige dingen laat Boudewijn zonder moeite thuis. Andere gaan altijd mee. Zijn iPhone bijvoorbeeld. Niet zozeer om de route te vinden of voortdurend bereikbaar te zijn, maar om momenten vast te leggen. Boudewijn fotografeert graag. Onderweg houdt hij via Polarsteps en Instagram een dagboek bij. In de eerste plaats voor zichzelf. Voor later, wanneer de kilometers herinneringen zijn geworden.
Wie dat leuk vindt, mag met hem meereizen. Maar het delen mag nooit een verplichting worden. Het verhaal ontstaat op de weg, niet op zijn telefoon.
Ook zijn bedrade oortjes gaan mee. Het grootste deel van de tijd loopt hij zonder muziek. Hij luistert naar de omgeving en naar het ritme van zijn stappen. Maar op lichamelijk of mentaal moeilijke momenten helpt trance hem vooruit. En dan is er nog iets kleins met een veel grotere betekenis.
Tijdens iedere reis neemt hij iets mee om onderweg achter te laten voor mensen die hem dierbaar zijn of waren. Een persoonlijk gebaar op een plek ver van huis. Alsof sommige mensen, ook wanneer ze niet naast hem lopen, toch een stukje met hem meegaan. Eerst lopen. Daarna begrijpen.
“Probeer, als het mogelijk is, minimaal twee weken te gaan. De eerste week heb je nodig om te ontdekken wat een Camino eigenlijk is en om de eerste pijntjes een plek te geven.” Pas daarna verandert er iets. Het lichaam went aan het dagelijkse ritme. De onrust zakt. De behoefte om alles te controleren wordt kleiner.
“Dan ontstaat er ruimte om echt te genieten. Of om stil te staan bij de reden waarom je bent vertrokken.” Zijn belangrijkste advies klinkt eenvoudig, maar vraagt misschien wel het meeste vertrouwen:
Laat het gebeuren. Laat de Camino over je heen komen.
De weg stopt niet in Santiago
Niet iedere ontmoeting hoeft betekenisvol te zijn. Niet iedere dag hoeft mooi te worden. Niet iedere pijn hoeft direct te worden opgelost. Soms hoef je alleen maar verder te lopen en af te wachten wat de weg je laat zien. Na zijn zesde Camino wacht alweer een volgend avontuur.
Boudewijn wandelde inmiddels vanuit huis naar Reims, over de Via Francigena. Die route wil hij later vervolgen richting Rome. Omdat hij vanwege zijn nek en rug niet te veel bagage kan dragen, wil hij daarvoor een wandelkar gebruiken. Mogelijk verdeelt hij de tocht over twee grote etappes in 2027 en 2028. Of misschien loopt hij hem toch in één keer. Want wie eenmaal door het ritme van de lange weg is gegrepen, komt niet gemakkelijk stil te staan. Al betekent doorgaan soms juist dat je moet leren stoppen.

Op jouw manier
Dit verhaal is in samenwerking met Boudewijn gemaakt en met zijn toestemming gepubliceerd.
